Handige hulpmiddelen bij het tekenen

Voordat je aan de slag kunt heb je nog een aantal dingen nodig:

 Puntenslijpers:

Er zijn drie soorten puntenslijpers:

  • Elektrische puntenslijpers
  • Puntenslijpers op batterijen en
  • Puntenslijpers die handmatig gebruikt worden.

In principe maakt het niet uit welke puntenslijper je gebruikt als je maar wel scherpe punten slijpt.

Als je zachte potloden gebruikt kun je bij handmatig slijpen last hebben van het afbreken van de punten. Bij deze potloden kun je beter een electrische puntenslijper gebruiken.

 

Kwast of borstel:

Een zachte kwart of borstel is onmisbaar bij het tekenen met kleurpotlood. Als je met kleurpotlood werkt komen er kleine deeltjes potlood vrij die op het papier vallen. Deze kunnen vlekken veroorzaken op het papier. Gebruik de borstel om dit gruis weg te vegen. Je kunt het meeste gruis voorkomen door na het slijpen je potlood aan een stukje stof of papier af te vegen. Veelvuldig borstelen is noodzakelijk bij het werken met kleurpotlood.

 

Potloodverlenger:

Als je potlood te kort wordt heb je geen goede grip meer en verlies je controle. Gebruik dan een potloodverlenger. Als je potlood zo kort wordt dat hij niet meer in de puntenslijper of potloodverlenger past dan kun je het korte eind vast lijmen aan het eind van een nieuw potlood. Zo kun je het potlood bijna helemaal op gebruiken.

 

Tekenbord:

Een goed tekenbord kan van diverse materialen zijn. Hout en plexiglas zijn enkele voorbeelden. Het is belangrijk om het tekenbord niet plat neer te leggen maar op een kleine verhoging. Dit voorkomt rugpijn, vooral als je op groot formaat werkt. Je kunt er desnoods een opgerolde handdoek onder leggen.

 

Gum/stuf:

Kleurpotlood is moeilijk te verwijderen. Als de kleur met matige druk is aangebracht kun je het met kneedgum een beetje oplichten, maar er blijft altijd iets zichtbaar. Als je posterbuddies gebruikt kun je nog meer weghalen. Posterbuddies zijn ook zeer geschikt om het gruis van je papier te halen of je borstel vast te ‘plakken’aan de tekentafel, zodat je hem niet telkens hoeft te zoeken. Voor mij is het onmisbaar spul. Er zijn ook electrische gums en gum in een potloodvorm, dit verwijdert hele kleine gedeelten.

 

Grafietpotlood:

Voor het schetsen kun je het beste een gewoon 2B potlood of 2B vulpotlood gebruiken. Voor het werken met kleurpotlood worden de meeste lijnen met posterbuddies of kneedgum verzacht omdat ze anders door het kleurpotlood heen komen. Een 2B potlood is zacht, maar vlek niet zoals zachtere potloden.

 

Burnisher en blender:

Bij grafietpotlood gebruik je een doezelaar om het grafiet in het papier te wrijven. Bij kleurpotlood lukt dit niet. Hiervoor kun je het beste een blender gebruiken. Deze mengt de kleur ook lichtelijk op het papier. Een burnisher gebruik je om de kleur ‘op te poetsen’ en glimmend te maken. Gebruik de blender en burnisher met mate en pas in het eindstadium van je tekening.

 

Onderlegger:

Gebruik altijd een onderlegger om het papier schoon te houden. Dit kan een stuk papier zijn maar als je overzicht wilt houden op je tekening kun je het beste een vel acetaat gebruiken.

 

Sjablonen:

Een sjabloon is handig om bijvoorbeeld cirkels te tekenen. Bijvoorbeeld bij het maken van ogen en cirkelvormige objecten.

 Je hebt nu genoeg materiaal om aan de slag te gaan.

Wil je je vaardigheden vergroten dan zijn de tekensts misschien iets voor jou.  Voor meer informatie: http://www.liediavandemortel.nl/wp/tekensets-2/